Loading...
You are here:  Home  >  Andere verhalen  >  Current Article

Niets vragen=niets krijgen

By   /   januari 21, 2018  /   Reacties uitgeschakeld voor Niets vragen=niets krijgen

Moet je je vrienden therapeutische hulp aanbieden? Omdat hun pijn soms onverdraaglijk is? ’t Is lastig om vriendschap en beroepsmatige bekommernis uit elkaar te houden als je matcht met elkaar. Mijn vriend R. WIL niet eens hulp.

Tijdens mijn therapeutische opleidingen gaf een docent me al vroeg een nuttig advies. “Ga nooit ongevraagd hulp geven. Laat mensen er altijd voor betalen. Pas dan nemen ze hun eigen hulpvraag serieus.”
Dat valt me nog niet altijd mee. Ik ben een overempathisch ventje dat al gauw medelijden voelt in de dikke strot. Ik snap de pijn, ik voel iemands verdriet en ik gun iemand iets beters. Wat is er toch veel geld van mij geleend. Anet heeft er zelfs een leuk huis van kunnen kopen in Roemenië. We mailen elkaar nog wel eens. Leer je nooit van zulke fouten? Ach, vaak is het oud karma. Ik zal Anet wel opgelicht hebben in een vorig leven, denk ik dan en nu staan we quitte. De voortdurende AOW-instroom troost mij maandelijks moeiteloos met dat verlies van die drieëntwintigduizend piek. Dag, Anet.

Ik ben nooit goed geweest in grenzen stellen. De opleiding Auralezen vanaf 1985 bij het Centrum voor Intuïtieve Ontwikkeling in Utrecht hielp me wel. Even helder onderscheid maken: Dit is mijn veld, dat is het jouwe. Zo, die visualisatie lucht op!. Om mezelf efficiënt te helpen heb ik in latere jaren een CD Auraschoonmaak ontwikkeld met drie handige oefeningen, die ik zelf nog steeds toepas. Toch komt er nog wel eens een moeilijk geval op mijn pad waar ik een beetje onhandig mee ‘match.’ Met die term wordt bedoeld dat je op bepaalde fronten erg lijkt op iemand anders, dat bijvoorbeeld zijn pijn of karma lijkt op het jouwe. Zolang je je daarvan onbewust ben, blijft de narigheid van de ander je prikkelen. Je wilt helpen omdat je eigenlijk jezelf met de vergelijkbare zaken wilt helpen. Een voorbeeld.

Mijn vriend R. is een begenadigd kunstenaar en schrijver. Hij wordt echter door velerlei kwalen gekweld. Hulp vragen doet hij nooit, anders dan bij de huisarts en talloze specialisten. Hij heeft een grappig maar cynisch ego van marmer, een granieten pijnlichaam, dat de man zelf keurig onderhoudt. Zijn laatste vriendin noemde hem een obsessieve aandachtzuiger en een vierkante man, die altijd luisteren afdwingt. Haar kennend denk ik dat de arme R. vooral hemzelf spiegelende ellende aantrekt… Hij is het archetype gevoelsvulkaan, tegelijk gepassioneerd en wantrouwig, altijd de zogenaamd afstandelijke toeschouwer, eigenlijk doodangstig voor alles wat te dichtbij komt, allergisch voor de verwachtingspatronen van een ander.

Als we in het café met elkaar praten, dan relativeert R. zijn moeilijke jeugd altijd met ongemakkelijke grappen: “Nee, ik kom niet uit een opgewekt gezin. Mijn moeder maakte ook al mijn zinnen af aan tafel.”

Zijn vader was een koeionerende hork, een emotioneel aambeeld met een beperkte woordkeus (“Kankermongool” enzovoorts). Zijn ouders waren gespecialiseerd in emotionele chantage, gedrag ontstaan uit generaties jagers en prooien, ook nog eens katholiek afgericht. Thuis was er geen enkel overzicht, 3D bestond niet. R. haat hen allemaal en zij haten hem ook. Hij is te anders, een rebel.
Het idee dat hij zou lijken op wie dan ook uit zijn familie, is voor hem onverdraaglijk, maar toch slaat de imitatie toe. Al zijn verwanten zijn namelijk doodziek van de stress en ze luisteren, als schapen naar hun herder, alléén naar de dokter. Die diagnosticeert altijd iets dat behandelbaar is, waarvoor er medicijnen zijn. De enige die de bijwerkingen op de bijsluiter naleest, dat is R., dat weer wel. De witte jas zegt het en daardoor kan de hele familie gefaseerd uitsterven. En zo zit ook R. dagen in het ziekenhuis. Zijn belevingen schrijft hij genadeloos en hilarisch op. Maar onze grote schrijver pakt van mij hooguit een biertje aan. Psychische hulp vragen? Therapie? Onzin! 

En wat doet dat dan bij mij? Ik herken die ongenaakbare rebel, het niet goed sporen met je familie. Hun stroeve no nonsense houding, het a-spirituele van je broers of zussen, de eenzaamheid. R. heeft al die spanning verinnerlijkt waardoor hij allerlei kwalen heeft opgedaan. Ik ben er Goddank zelf al snel mee naar buiten gekomen. Ook liedjes gemaakt, ook gezongen op straat, ook artikelen en boeken geschreven. Ik heb mezelf geholpen, dat is het grootste verschil. Toen het werd aangeboden, heb ik alle therapeutische hulp aangenomen die er maar was. Meditatie, Encounter, Hypnose, Auralezen, Chinese Quantum Method, Touch for Health, Tantra en Familie Opstellingen.
Ik weet nu de weg. Ik gun R. de
moeizame zijne.

 Dit artikel is verschenen in het Tijdschrift Paravisie van februari 2018

    Print       Email

You might also like...

Jij bent ongeschikt voor teamsport!

Read More →